Komende zaterdag begint de competitie. Een mooi moment voor een interview met Willem Romp, de hoofdtrainer van de Zaterdag 1. Tijdens het gesprek toont Romp zich enthousiast: “We hebben een prachtige groep voetballers, e...
Komende zaterdag begint de competitie. Een mooi moment voor een interview met Willem Romp, de hoofdtrainer van de Zaterdag 1. Tijdens het gesprek toont Romp zich enthousiast: “We hebben een prachtige groep voetballers, een tweede selectie-elftal, de sfeer is goed en we maken stappen met het terugkrijgen van de identiteit, door jongens vanuit de jeugd door te schuiven”.
Trainerscarrière
Als voetballer speelde Romp bij Sporting’70 en Hercules, waar hij het eerste elftal haalde. Maar het trainersbloed stroomde bij de Utrechter al vroeg door de aderen. Als vijftienjarige trainde hij de D-pupillen van Sporting ’70. Nadat hij definitief voor een trainerscarrière had gekozen belandde hij via Hercules bij Argon, waar hij de A1 onder zijn hoede kreeg.
In 2014 kwamen Willem Gentenaar en René de Leeuw met de vraag of hij bij Roda aan de slag wilde. “Door dat gesprek werd ik enthousiast om naar Leusden te komen.”
Roda’46 A1
Drie jaar was Romp trainer van Roda’46 A1. Het team handhaafde zich relatief gemakkelijk op het niveau van tweede divisie. Maar belangrijker was dat het elftal herkenbaar en aantrekkelijk voetbal speelde met zoveel mogelijk eigen jongens. Daarom was het voor het bestuur van Roda’46 logisch om Willem Romp door te schuiven als nieuwe hoofdtrainer voor de Zaterdag 1, het vlaggenschip van de vereniging.
Voortvarend
Willem is voortvarend aan de slag gegaan als trainer van Roda’46 zaterdag 1. Aan het eind van vorig seizoen trainde de selectie lang door. Bovendien voerde hij veel gesprekken met potentiële selectiespelers. “Dat we gedegradeerd zijn is natuurlijk vervelend, maar het is ook een startpunt om het beleid rond de zaterdagselectie goed aan te pakken.” Romp is in de afgelopen drie jaar een echte Roda-man geworden: “Het belang van de club gaat voor dat van mij. Trainers zijn vaak passanten, die maling hebben aan de club en de cultuur binnen de vereniging. De resultaten zijn het belangrijkst voor hen. Ik wil hier iets moois neerzetten voor de vereniging. Met twee volwaardige selecties, voor het merendeel bestaande uit voetballers die door Roda’46 zijn opgeleid.”
Tevreden
Over het huidige spelersarsenaal binnen de selectie is Willem Romp tevreden. “Kwaliteit is er meer dan genoeg in deze groep. Het is belangrijk dat de spelers zich blijven ontwikkelen. We missen helaas een echte leider. Iemand die de kar kan en wil trekken. Een speler die alleen al door zijn uitstraling indruk maakt. Dat soort voetballers ligt niet voor het oprapen, maar we hebben met Wesly van Ojen iemand die het in zich heeft om door te groeien naar het leiderstype.”
Volwaardig tweede team
Het beleid om twee selectieteams op te tuigen moet er volgens Willem voor zorgen dat er een groter draagvlak komt voor de jeugdspelers die doorschuiven naar de senioren. “Ieder jaar gingen veel spelers weg doordat de doorstroom ontbrak”, vertelt Willem Romp. “Roda heeft het goed aangepakt met het tweede elftal. Er is een zeer goede en ervaren oefenmeester voor dat team aangesteld. De trainer van Zaterdag 2, Jakob Melessen, en ik denken precies hetzelfde over de richting waarop de club moet gaan. Bovendien is Jakob een prettig mens. Voordeel is ook dat een rustige vent als Harry van Soeren teammanager is van die ploeg. Op dit moment hebben we toch al 22 spelers in de selectie die hun voetbalopleiding hebben genoten bij Roda’46."
Doelstelling
Willem Romp – in het dagelijks leven leraar lichamelijke opvoeding aan de Sportacademie Hilversum - waagt zich niet aan een voorspelling voor het komende seizoen. “De intentie is om een standvastig beleid te voeren, waarbij het belang van de club voorop staat. Ik wil dat het leuk is om bij het eerste te kijken. Met herkenbaar en attractief voetbal. Met veel echte Roda-jongens. Natuurlijk zou het mooi zijn om te promoveren, maar dat is niet de hoofddoelstelling.
Waar ik naar streef? Als ik hier ooit weg ga moet er een situatie zijn waar de club trots op is.”